door Bert Drolenga
Op maandag 11 februari vonden de Olympische Winterbordspelen plaats in Barendrecht. Aangezien deze Spelen voor de eerste keer werden gehouden, beperkte de opkomst zich tot 16 deelnemers.
Van deze 16 hadden zich 2 sportievelingen zich ruim een week eerder bezondigd aan de pre-olympische setting. Feike wist hierin het eerste goud binnen te hengelen. Hoe, dat is alleen hem bekend. Feit is wel dat hij al om 21.45 uur de winst bekendmaakte, dus het punt zal wel in een olympische record zijn binnen geharkt (1-0).
De overige 14 sportievelingen hielden zich wel netjes aan het speelschema.
Wij Barendrechters hoopten op een revanche op het knullige verlies van afgelopen seizoen en Feikes voorsprong gaf hoop op een goede afloop.
Tot 22.00 uur was deze revanche best wel mogelijk. Het stond 1-1 en mijn plusmin-lijstje gaf een klein verlies aan. Een demarrage zou het tij dus nog kunnen keren.
Invaller John had toen al in eigen doel gescoord. In een onschuldige stelling gaf hij zomaar een loper, en dus goud, uit handen (1-1).
Aan de overige borden had Tjerk-Peter een plusje, Robbert, André en Robert stonden gelijk, terwijl Jean-Peter en ik ietsjes minder stonden.
Deze prognose kon direct de medailledoos in, net als de stukken van Tjerk-Peter. Hij had licht voordeel beter tegen de vlaggendrager van WSV. In een stelling met ineengeschoven pionnenformaties probeerde Tjerk-Peter met zijn stel paarden door de vijandelijke stelling te slalommen, maar dit optische voordeel smoorde helaas in het zwarte tegenspel (1½-1½).
Hierna voltrok zich een collectief fiasco.
Robbert stond ietsjes gedrongen. Niets nieuws, dat overkomt hem wel vaker. Een onverwachts loperoffer op h7 echter niet (1½-2½).
Ook Jean-Peter kreeg een stukoffer om de oren. Het einde kwam snel in een explosieve stelling (1½-3½).
Bert bracht het tweede halfje op het scorebord. Mijn tegenstander speelde erg degelijk en gaf me geen kans op initiatief. Een halfje was het logische resultaat (2-4).
Vervolgens dolf Robert het onderspit. Hij kwam met een kien nadeel uit de opening en verspeelde een pion. Het einde liet nog even op zich wachten. Er werd lang gelanglauft, maar op een gegeven moment was de wax op. (2-5).
André was als laatste klaar. Ook hij moest opboksen tegen een wit offensief. Een loper sprong van de grote schans de zwarte stelling binnen, waarna het einde langzaam maar zeker onvermijdelijk kwam. (2-6).
Een dramatisch verlies derhalve, we staan nu één na laatste in het medailleklassement.
Het degradatiespook wordt steeds GROTER.


