In de bijzaal van de barendrechtse schaakvereniging werden de tafels in een bekende drie bij vier opstelling neergezet. Het vlaggeteam van Barendrecht zou de strijd aangaan, evenals het B viertal van onze club. Deze bijzaal wordt vooral gebruikt voor het les geven aan de talrijke jeugd, die in verschillende groepen volgens het stappenplan de kneepjes van het schaakspel wordt onderwezen. Enkele fanatieke iets ouderen onder ons maken liever gebruik van deze zaal door met een neut en eventueel een rokertje te klaverjassen in de late uurtjes, na een lekker potje schaak.
Het nieuwe competitieseizoen was slechts 1 ronde oud, en zowel Barendrecht 1 als onze tegenstander van vanavond – Erasmus 3 – waren begonnen met een nipte teamnederlaag, en enkele persoonlijke schaaktegenvallers. Dat kan nooit slecht zijn voor de motivatie voor het competitietreffen van deze avond.
De jeugdige talentvolle Corné was invaller, en mocht zo zijn diensten bewijzen. Er leek toch sprake van voordeel, maar volgens eigen zeggen ging er toch opeens het een en ander mis. Weer een ervaring rijker. Er werd hard en lang gestreden. Met het eerder zo succesvolle B viertal ging het qua score de verkeerde kant op. Barendrecht 1 stond op gegeven moment met een minimaal verschil achter.
Zo tegen elven bleek Robbert de eerste die de partij moest beeindigen. Volgens barendrechts gebruik werd hij er door de voorzitter eraan herinnerd de aangewezen persoon te zijn om verslag uit te brengen. Na afloop van het schaaktreffen van vanavond ontstond wat verwarring over het recht of de plicht verslag te doen. Rien bleek drie seconden later tot remise te hebben besloten. Het optimisme van Jean-Peter in zijn eindstelling werd verstoord door een onverwachte riposte van zijn tegenstander.
Als vanouds kwam Robbert in een zeer nadelige tijdssituatie in de trend van negen minuten tegen een uur voor de tegenstander. Met zwart werd de goede openingsopzet van Bram onbevredigend beantwoord. Het binnenvallen van de toren met aanval op de dame kon nog worden beantwoord met een dameoffer en matdreiging. Maar onverbiddelijk werd ingeslagen op een zwakke centrumpion met nog een veel ernstiger dreiging. Verdwaasd bleef Robbert nog wat staren naar de overgebleven chaos alvoor de hand te reiken. Onze voorzitter had intussen een welkom punt weten neer te zetten.
Over het enthousiasme van publiek in het Barendrechtse schaakleven valt absoluut niet te klagen. Ook de overgebleven strijd bood nog lust voor het schaakoog. Al was dat niet meer zo helder. Het probleem van het gebrek aan koude biertjes werd snel opgelost. Nu nog onze strijders bezien. John was weer van de partij. En hij deed dat met verve. Hij had een duidelijk probleem met de klok, maar zag de stelling met vertrouwen aan. Een remise kon worden aangetekend. Robert viel mij weer op door zijn scheve schijnbaar zeer relaxte zithouding. Een mooi remiseresultaat werd zo bereikt. In een vertrouwd beeld lag de finale partij en de hoop op Barendrechtse punten in handen van Feike aan het eerste bord. Is dat nou ontspanning na een dag werken zo’n partij te spelen? Of is dat een meedogenloze inspanning? Feike had tijdsvoordeel, de stelling leek iets lekkerder te spelen. Maar dat zijn achteraf beoordelingen van een schaakschele toeschouwer. Safe houden en tegelijkertijd dreiginkjes houden, en vooral beheersing houden over de klok. Feike bleek heer en meester.
Barendrecht 1 kon het eerste wedstrijdpunt noteren.
