Afgelopen dinsdag omstreeks 15.30 uur terwijl ik onder de douche stond, nadat ik die morgen een tennisdemonstratie had gegeven en daarna enige lichte werkzaamheden rond het huis had verricht, ging de telefoon. Allereerst dacht ik FOKA uit Rotterdam aan de lijn te krijgen, want ik stond op het punt definitief te horen te krijgen dat ik eindelijk een nieuwe vervangende TV ging ontvangen, nadat ik al aan de 5e reparatie toe was (details zal ik wel tijdens ons jaarlijks eetfestijn op 9 april uit de doeken doen, voor diegene die daar in geïnteresseerd zijn tenminste). Sinds ik van mijn vrouw beroofd ben zorg ik er altijd voor de looptelefoon binnen handbereik te hebben, want je weet nooit wie er eens belt. Tot mijn stomme verbazing was het Tjerk Peter de Bruijn, want ik had geen notie waarvoor. Dat het eerste team die avond nog moest spelen had ik niet in mijn harde schijf opgeslagen, waarschijnlijk omdat het voor ons toch niet meer van belang was. “We komen vanavond nog een man tekort, Robbert Meijer is niet in staat, wil je meespelen?”, aldus onze onvolprezen voorzitter. “Maar natuurlijk was het antwoord”, want je laat je club natuurlijk niet in de steek. Dinsdagavond is weliswaar mijn fotoclubavond, maar deze keer kwam een vreemde club op bezoek om hun foto’s te tonen en daar hoefde ik niet perse bij te zijn. “Je speelt gewoon op de plek van Robbert op bord 3 dus en je hebt wit.” De keuze om mij op te stellen was natuurlijk volkomen logisch, want met Tom Godthelp en Leo van Praag, kan het toch nooit meer wat worden, want die kunnen beter gaan klaverjassen. Bovendien was ik de vorige keer tegen Sliedrecht 3 zeer verdienstelijk ingevallen op bord 2, waarbij ik iets beter stond en zeker remise had moeten maken (kan ik aantonen). Weliswaar had ik de maandagavond ervoor op de club van Hans Wegman verloren, die ik helemaal had klem gezet, maar door een verkeerde afruil mijn eigen aanval om zeep had geholpen. Maar ik had het idee dat dit een vorm van onderschatting was geweest; want ik schaak eigenlijk het gehele jaar vrij goed, maar wordt niet beloond in punten, naar mijn idee omdat ik 2 periodes vrij lang ben weg geweest. Daarom was dit de gelegenheid om de ommekeer te gaan bewerkstelligen. Daartoe had ik ook nog even de tijd om enig research te plegen door van mijn laatste partijen even de openingen door te nemen, zodat ik me in ieder geval niet in het begin zou laten verrassen. Ik had dan ook het gevoel dat ik goed zou spelen om mij te revancheren voor de nederlaag van de dag ervoor en omdat Nieuwerkerk a/d IJssel 2 nou niet de sterkste was, namelijk het was een degradatiekandidaat die eigenlijk moest winnen, dus de druk lag bij de tegenpartij. Rijdend richting Nieuwerkerk aan den IJssel gaf TP me nog een tip: als je goed kom te staan, bied dan remise aan (kennelijk had hij al een voorgevoel), maar dat had ik zelf ook wel kunnen verzinnen. Vlak voor de wedstrijd had Johan nog tegen mij gezegd toen hij vernam dat ik inviel: “Jij komt altijd wel een keer gewonnen te staan.” Kan je nagaan wat een reputatie ik heb!!


Nu de wedstrijd: deze liep bij mij zoals ik gehoopt had, namelijk een mij bekende opening kwam op het bord het Spaans. Je moet wel van uitzonderlijke klasse zijn als je bij een speler in de 2e klasse al na 8 zetten, in deze bekende opening, een pion weet te ontfutselen. De naam van deze schaker: Roel de Hoop. Maar het getuigt van nog grotere klasse om dit voordeel binnen enkele zetten weer geheel teniet te doen, erger nog de tegenstander te lanceren doordat hij eenvoudig je stelling kan infiltreren. Oorzaak: in plaats van eenvoudig in een gedwongen afruil dit op de simpelste manier te doen, toch weer naar een betere zet te zoeken. Terugrijdend zei Feike hierover: “Beter niet te lang nadenken over de beste zet, want die vind je toch niet.” Niet altijd tenminste, maar wanneer wel en wanneer niet lang nadenken, dat is volgens mij de kwestie!! In plaats van af te ruilen en vervolgens in een betere stand remise aan te bieden, kwam ik steeds een zet tekort en verloor. Kan gebeuren, troostten mijn teamgenoten mij nog, maar de desillusie was groot. Soms wil je teveel en wordt je slachtoffer van je eigen creativiteit. Dat is een groot verschil realiseer ik mij met, bijvoorbeeld tennis. Als je daar een fout maakt kan je daarna alles weer goed doen, vaak bij schaken kan één fout al fataal zijn (net als bij een keeper). Na deze desillusie gaf TP mij nog de opdracht een verslag te maken over deze wedstrijd, want diegene die het eerst klaar is met zijn partij doet dit gewoontegetrouw. Daar had ik natuurlijk geen zin in, maar nadat ik ‘mij hervonden had’ ben ik toch maar aantekeningen gaan maken en ben schakers gaan uithoren.

Na ongeveer 1½ uur was de stand op verschillende borden als volgt:
Bord 1: Feike stond in een vierpaardenspel aanvallend sterk zonder dat het doorslaggevend was.
Bord 2: Tjerk Peter met zwart was bezig met een gevaarlijke aanval.
Bord 4: Rien in een Siciliaanse partij stond ongeveer gelijk, alleen in tijd gunstig.
Bord 5: Jean-Peter met wit, in wat op een Italiaanse partij leek, stond een kwaliteit achter met te weinig compensatie(?).
Bord 6: Robert stond een pion voor door verkeerd afruilen.
Bord 7: John was in een moeilijk middenspel bezig. Remiseachtig, 20 min. in tijd achter.
Bord 8: Johan stond ongeveer gelijk, maar zijn tegenstander had een vooruitgeschoven pion die mogelijk de doorslag kon geven.

Na 2 uur kwam er al meer tekening in de strijd, Feike zijn tegenstander gaf een stuk weg zonder dat hij er iets voor hoefde te doen(1-1). Robert kon door penning van paard en toren winst behalen, door inslaan met loper stukwinst bewerkstelligen, gevold door een tweede(1-2). Johan ging het minder goed, belandde in een moeilijk eindspel met tijdnood. Moest materiaalverlies toestaan, want kon niet terugslaan omdat anders mat op de achterste rij zou volgen(2-2). Rien daarentegen ‘zag er goed uit’, terwijl Tjerk-Peter geen kans zag winst te bereiken, zodat hij remise aanbood, dat zijn tegenstander wel moest accepteren(2½-2½). John had een licht voordeel doordat hij een open g-lijn gecreëerd had waarop hij dame en toren posteerde wat er gevaarlijk uitzag. John die vermoeid was zou remise geaccepteerd hebben, maar zijn tegenstander bleef doorgaan om winst te forceren in plaats op 4-4 aan te sturen. Rien had de winst inmiddels opgestreken en Jean-Peter had te weinig compensatie en verloor, zodat de stand gelijk was(3½-3½). Bleef John nog over, die de aanval op de vijandelijke stukken bekwaam afrondde, zodat Barendrecht won(3½-4½). En Nieuwerkerk afhankelijk zou zijn van Sliedrecht 3 dat nog tegen CSV op donderdag moest spelen. Het is goed afgelopen voor Nieuwerkerk daar CSV ook zijn sportieve plicht vervulde door met 5½-2½ te winnen in Sliedrecht. Lies moet hier heel tevreden mee zijn, Sliedrecht heeft dus niet kunnen profiteren van dat ene puntje. Maar Barendrecht 1 natuurlijk niet, want door dat ene puntje had Barendrecht tweede geweest (zie eindstand onder), zodat wij bij versterkte promotie geen kans maken!!
Tenslotte nog dit: ik zal als wedstrijdleider voortaan harder moeten gaan optreden. Tegen te veel lawaai en opmerkingen tijdens externe wedstrijden. Als het niet helpt zie ik mij genoodzaakt de methode Wilders toe te passen: Lies haar mond af te plakken en Leo moet met zijn tegenstander maar op het toilet gaan zitten schaken.
De beloofde eindstand:

eindstand 2009-2010.jpg

De website van Schaakvereniging Barendrecht wordt mede mogelijk gemaakt door: